De handhaving op de Wet DBA is per 2025 aangescherpt. Organisaties die samenwerken met zelfstandige IT-professionals kijken kritischer naar hun inhuurconstructies en de bijbehorende compliance-verplichtingen. Dit artikel legt uit hoe de maatschapsstructuur van The Future Group (TFG) juridisch is ingericht, wat dat betekent voor opdrachtgevers, en welke vragen rondom SNA-certificering, G-rekening en inlenersaansprakelijkheid daarmee samenhangen.
De analyse in dit artikel is gebaseerd op de legal opinion van Kennedy Van der Laan (mr. Ruud Schepers, 27 november 2024) en de fiscale opinion van Aegis Tax Lawyers (Frank Werger, 25 september 2024). De conclusie van beide opinions is dat geen sprake is van een arbeidsovereenkomst tussen de Maten en de opdrachtgevers, respectievelijk de Maten en de maatschap/TFG.
In dit artikel bespreken we de volgende onderdelen. Klik op de titels om naar de juiste sectie te gaan.
- De maatschapsstructuur van TFG
- Wet DBA: waar het werkelijk om draait
- SNA-certificering, G-rekening en inlenersaansprakelijkheid
- Vergelijking werkmodellen: maatschap versus zzp, detachering en midlance
- Samenwerken met TFG: wat je als opdrachtgever kunt verwachten
- Wat betekent dit voor opdrachtgevers?
1. De maatschapsstructuur van TFG
TFG is een collectief van één maatschap met in totaal ongeveer 350 IT-professionals (Maten). De Maten zijn overwegend natuurlijke personen (90%) en voor een deel B.V.’s (10%). Zij brengen arbeid, kennis en relaties in en delen mee in de winst van de maatschap.
De juridisch relevante kenmerken van de structuur zijn:
- De maatschap sluit de overeenkomst van opdracht met de opdrachtgever, niet de individuele Maat.
- De opdrachtgever betaalt de vergoeding aan de maatschap. De Maat wordt via de maatschap uitbetaald als winstdeel.
- TFG Software Development B.V. voert het dagelijks bestuur en is vertegenwoordigingsbevoegd. Individuele Maten zijn dat niet.
- De raam- en deelovereenkomst van opdracht zijn door de Belastingdienst goedgekeurd tot 31 juli 2028. Dit levert een bewijsvermoeden op richting de Belastingdienst dat er geen sprake is van een dienstbetrekking.
- De Maten zijn BTW-plichtig, maken gebruik van ondernemersfaciliteiten (zoals de zelfstandigenaftrek) en hebben een eigen winst- en verliesrekening.
Belangrijk onderscheid: De belastingdienstgoedkeuring werkt als bewijsvermoeden richting de Belastingdienst. Dit bewijsvermoeden geldt niet automatisch bij de civiele rechter, daar tellen de feiten van de specifieke situatie. Dat is precies waarom de dagelijkse praktijk moet aansluiten bij de contractuele afspraken.
Wil je meer lezen over wat een maatschap precies is? Bekijk dan ook ons artikel: Wat is een maatschap?
2. Wet DBA: waar het werkelijk om draait
De Wet DBA beoogt schijnzelfstandigheid te voorkomen. De kern van de beoordeling is of er sprake is van een gezagsverhouding, persoonlijke arbeidsplicht en loon. Bij TFG is op al deze punten een verdedigbare positie opgebouwd.
Geen gezagsverhouding met de opdrachtgever
In de raam- en deelovereenkomst is vastgelegd dat de maatschap de opdracht zelfstandig indeelt en uitvoert. De opdrachtgever mag aanwijzingen geven over het doel van de opdracht, niet over de uitvoering. Enerzijds borgt TFG de kwaliteit van de Maten via een structureel ondernemersprogramma waarin nieuwe Maten uitgebreid worden geïnformeerd en getoetst op ondernemerschap en vakinhoud. Anderzijds wordt de kwalitei geborgen via periodieke thema- en community-meetings waarin Maten kennis delen en de organisatie op de hoogte blijft van ontwikkelingen. Die kwaliteitsborging vindt plaats op organisatieniveau, niet via inhoudelijke aansturing op de dagelijkse uitvoering bij de opdrachtgever. Dat is precies het onderscheid dat juridisch relevant is.
Geen persoonlijke arbeidsplicht
De maatschap heeft het recht zich te laten vervangen door een andere gekwalificeerde Maat. In de praktijk komt vervanging weinig voor. Voornamelijk doordat Maten worden ingezet op basis van specifieke expertise, maar de contractuele vrijheid bestaat en draagt bij aan de kwalificatie als opdrachtnemer.
Beloning als winstdeel, niet als loon
Maten ontvangen minimaal 75% van de door hen gerealiseerde en betaalde omzet als winstdeel, verminderd met de maatschapsbijdrage. Het uurtarief bedraagt gemiddeld meer dan €100 per uur; de gemiddelde jaarwinst ligt ruim boven €100.000. Dit wijst op een economisch zelfstandige positie.
Het wetsvoorstel VBAR (Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden) is op 7 juli 2025 ingediend bij de Tweede Kamer. De beoogde inwerkingtreding is 1 juli 2026, zonder overgangsrecht. Het wetsvoorstel introduceert een rechtsvermoeden van werknemerschap bij een uurtarief onder €36. De Maten van TFG zitten daar ruim boven. Of en in welke definitieve vorm het wetsvoorstel wordt aangenomen is nog onzeker. De coalitie wil namelijk het gezagsverduidelijkingsdeel vervangen door een aparte Zelfstandigenwet. TFG volgt de parlementaire behandeling actief en informeert Maten en opdrachtgevers zodra de wetgeving definitief is vastgesteld.
Lees ook ons artikel over de nieuwe koers van het kabinet over de huidige zzp-wetgeving.
Gedeelde verantwoordelijkheid: aansturing als ondernemer
De maatschapsstructuur werkt wanneer beide partijen handelen in lijn met de juridische werkelijkheid. De Maten van TFG zijn zich daar sterk van bewust: zij opereren als zelfstandig ondernemer, nemen verantwoordelijkheid voor hun opdracht en laten zich niet aansturen als werknemer. Dat zit in de cultuur van TFG en wordt actief onderhouden via het ondernemersprogramma, de thema- en community structuur.
Van opdrachtgevers verwachten wij hetzelfde bewustzijn. Stuur aan op het resultaat van de opdracht, niet op de manier waarop de Maat zijn werk inricht, welke uren hij maakt of hoe hij zijn werkdag organiseert. Dat is niet alleen in lijn met de contractuele afspraken, het is ook de basis van een professionele samenwerking met zelfstandige ondernemers. Wanneer opdrachtgever en opdrachtnemer beiden vanuit dat bewustzijn handelen, is de samenwerking juridisch robuust en in de praktijk effectief.
3. SNA-certificering, G-rekening en inlenersaansprakelijkheid
Waarom TFG niet SNA-plichtig is
Het SNA-keurmerk (Stichting Normering Arbeid) is ontwikkeld voor organisaties die arbeidskrachten in dienstbetrekking ter beschikking stellen: uitzend-, detacherings- en payrollbedrijven, intermediaire dienstverleners en (onder)aannemers van werk. De juridische grondslag is altijd hetzelfde: er bestaat een arbeidsovereenkomst of uitzendrelatie en de inlener draagt aansprakelijkheidsrisico voor loonheffing en sociale premies.
De Belastingdienst definieert inlening als het ter beschikking stellen van arbeidskrachten die in dienstbetrekking zijn. Beide elementen, dienstbetrekking én terbeschikkingstelling zijn bij TFG niet van toepassing. Zonder inlening in juridische zin bestaat er ook geen inlenersaansprakelijkheid voor loonheffing.
Conclusie: SNA-certificering is niet van toepassing op de maatschapsstructuur van TFG. Een verzoek daartoe berust op een onjuiste toepassing van compliance-instrumenten die zijn ontworpen voor de uitzend- en detacheringsmarkt.
De G-rekening bij TFG
TFG maakt gebruik van een G-rekening, uitsluitend voor BTW-afdracht. Dit is een toegestane toepassing binnen de fiscale regelgeving. De G-rekening wordt bij TFG nadrukkelijk niet gebruikt voor loonheffing of als instrument om inlenersaansprakelijkheid af te dekken. Die toepassing is niet aan de orde, omdat de juridische grondslag, inlening van arbeidskrachten in dienstbetrekking, ontbreekt.
Brokers of opdrachtgevers die vragen om storting op een G-rekening voor loonheffingsdoeleinden passen een instrument toe dat niet past bij de aard van de samenwerking met TFG. Dit is geen beleidskeuze maar een juridische onjuistheid.
Nieuwe SNA-modules per 2026
Per 1 januari 2026 heeft de Normering Arbeid twee nieuwe modules binnen het SNA-keurmerk geïntroduceerd: Bemiddeling en Tussenkomst. Deze modules richten zich specifiek op ondernemingen die als intermediair optreden bij de inzet van zzp’ers. Dit bevestigt dat ook de normerende instanties onderscheid maken tussen zelfstandigen enerzijds en terbeschikkingstelling van arbeid in dienstbetrekking anderzijds. Voor zover een broker of intermediair in de keten onder deze modules valt, is dat hun eigen compliance-verantwoordelijkheid en niet die van TFG!
4. Vergelijking werkmodellen: maatschap versus zzp, detachering en midlance
Binnen de IT bestaan verschillende samenwerkingsvormen naast elkaar. De keuze heeft directe gevolgen voor risico, flexibiliteit, continuïteit en toepasselijkheid van Wet DBA, SNA en inlenersaansprakelijkheid.

Het onderscheid tussen deze modellen is niet louter terminologisch. Het bepaalt direct wie uw contractspartij is, welk compliance-regime van toepassing is en hoe de samenwerking in de praktijk wordt ingericht.
Benieuwd naar hoe ondernemen binnen een maatschap verschilt met andere samenwerkingsvormen, bijvoorbeeld midlance? Lees dan het artikel over de verschillen tussen maatschap en midlance.
5. Samenwerken met TFG: wat je als opdrachtgever kunt verwachten
Naast de juridische inrichting is het voor opdrachtgevers relevant te weten hoe de samenwerking met TFG er in de praktijk uitziet.
Onboarding en contractering
De samenwerking start met het afsluiten van een raam- en deelovereenkomst van opdracht tussen jouw organisatie en de maatschap. TFG begeleidt dit proces en zorgt dat de contractuele afspraken aansluiten bij de aard van de opdracht. Nieuwe Maten doorlopen een uitgebreid toetredingsproces waarbij zij worden getoetst op ondernemerschap, vakinhoud en toegevoegde waarde voor de maatschap. Je werkt dus met professionals die al zijn gescreend voordat zij bij jouw aan tafel zitten.
Opdrachtverdeling en beschikbaarheid
Circa 75% van de opdrachten wordt door de Maten zelf ingebracht via hun eigen netwerk. TFG faciliteert de overige 25% via het eigen salesnetwerk. Bij uitval of vervanging zoekt TFG eerst binnen de eigen maatschap naar een gekwalificeerde vervanger. Dat geeft je als opdrachtgever continuïteit zonder dat je opnieuw een wervingstraject hoeft te starten.
Kennisdeling en kwaliteit
TFG organiseert meer dan 100 bijeenkomsten per jaar: thema-sessies, community-meetings en kennisevents waarin Maten actuele ontwikkelingen in het vakgebied delen. Dat betekent dat de professional die bij jou werkt, actief verbonden blijft met de laatste ontwikkelingen in de brede IT-markt. Je profiteert indirect van dat collectieve kennisniveau.
Aanspreekpunt en escalatie
Bij inhoudelijke vragen over de opdracht spreek je de Maat direct aan, dat is volledig in lijn met de zelfstandige positie van de Maat en de contractuele afspraken. Voor administratieve, contractuele of compliance-gerelateerde vragen is TFG jouw aanspreekpunt. Bij ontevredenheid over de uitvoering neem je volgens de raamovereenkomst contact op met de maatschap, niet met de individuele Maat als werknemer.
6. Wat betekent samenwerken met TFG voor opdrachtgevers?
Voor opdrachtgevers die via TFG werken met zelfstandige IT-professionals geldt het volgende:
- De maatschap is jouw contractspartij. Je sluit een raam- en deelovereenkomst af met de maatschap, niet met de individuele Maat. Dit is fundamenteel voor de juridische kwalificatie.
- Stuur aan op het resultaat van de opdracht, niet op de wijze van uitvoering, werktijden of werkplek. De Maten van TFG zijn gewend om als zelfstandig ondernemer te opereren en verwachten ook zo behandeld te worden. Beide partijen hebben er belang bij dat de dagelijkse samenwerking aansluit bij de contractuele afspraken.
- De goedgekeurde modelovereenkomst biedt bescherming richting de Belastingdienst zolang de praktijk overeenkomt met de contractuele afspraken.
- SNA-certificering en G-rekening-gebruik voor loonheffing zijn niet van toepassing op de samenwerking met TFG en kunnen niet als contracteis worden gesteld op basis van de juridische structuur.
- De belastingdienstgoedkeuring bindt de civiele rechter niet. Als je zekerheid wilt over de arbeidsrechtelijke kwalificatie in een specifieke situatie, adviseren wij juridisch advies in te winnen.
Vragen over dit artikel of over de samenwerking met TFG? Neem contact op via het contactformulier en we beantwoorden je vragen graag.
Dit document is gebaseerd op de volgende gezaghebbende bronnen:
- Legal opinion Kennedy Van der Laan, mr. Ruud Schepers, 27 november 2024 (interne TFG-documentatie)
- Fiscale opinion Aegis Tax Lawyers, Frank Werger, 25 september 2024 (interne TFG-documentatie)
- Hoge Raad 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:443 (Deliveroo-arrest: toetsingskader arbeidsovereenkomst)
- Hoge Raad 5 april 2002, ECLI:NL:HR:2002:AD8186 (ABN AMRO/Malhi: verbindingsvereiste)
- Hoge Raad 21 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:312 (Taxi Dorenbos: realiteitswaarde constructie)
- Belastingdienst – Inlenersaansprakelijkheid (definitie inlening)
- Normering Arbeid – Handboek Normen 2026, inclusief modules Bemiddeling en Tussenkomst
- Wetsvoorstel VBAR (Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden) – ingediend bij Tweede Kamer 7 juli 2025, beoogde inwerkingtreding 1 juli 2026






